Klimaat verhit discussie met leden

In de maand april heeft de vakgroep Melkveehouderij 20 ledenbijeenkomsten georganiseerd. Naast onze visie en strategische plannen, is gesproken  over actuele thema’s , waaronder klimaat. In discussie met leden, valt mij het onbegrip op. Ik geef een voorbeeld.  De melkveehouderijsector moet wel een bijdrage  leveren aan het verminderen van de CO2 uitstoot en de lucht- en scheepvaart niet. Dat beeld kan ik snappen, het is op zich een logische reactie. Maar als we de feiten bekijken, hebben we als landbouw geen keuze meer.

Deze keuze is al voor ons gemaakt in het klimaatakkoord van Parijs in 2015. Daar is door de ondertekenaars overeengekomen dat bijna alle landen in de wereld hun CO2 uitstoot moeten verlagen, met als doel de opwarming van de aarde in 2050 niet meer dan tot 2 graden Celsius te laten oplopen. Om dit te bewerkstelligen, zijn per land reductiedoelen gesteld. Dit geldt ook voor Nederland. Verder is daar overeengekomen dat bijvoorbeeld de scheep- en luchtvaartsector in eerste instantie buiten beschouwing blijven. Maar ook de landbouw heeft een bijzondere positie gekregen. In het klimaatakkoord van Parijs staat dat voedselproductie van essentieel belang is en dat daar rekening mee moet worden gehouden. Nederland produceert jaarlijks 194 Megaton CO2 equivalenten. Daarvan komt 25 Megaton voor de rekening van de land- en tuinbouw. In het regeerakkoord van 2017 is vastgesteld dat de land- en tuinbouw 3,5 Megaton terug moet, waarvan 1 Megaton door de glastuinbouw en 2,5 Megaton door landgebruik en veehouderij.

LTO Nederland stelt tot dusver de 3,5 Megaton niet ter discussie, aangezien andere sectoren vinden dat we een te geringe doelstelling hebben gekregen, die tegen relatief lage kosten te realiseren is. Anderen willen daarom onze taakstelling verhogen en aanscherpen. Dus wat dat betreft is het alle hens aan dek! Wij vertellen steeds dat de landbouw sinds 1990 een forse verduurzamingsslag heeft gemaakt waar andere sectoren zijn achter gebleven.
Een andere discussie die ik opvang en gevoed wordt door de natuur- en milieubeweging, gaat over  inkrimping van de veestapel. Dit in weerwil van het regeerakkoord. Daarin ligt het accent op zoeken naar technische oplossingen voor het verlagen van de CO2 uitstoot. Wanneer we als sector geen of onvoldoende stappen zetten, blijft echter inleveren van staarten ons achtervolgen.

Portefeuillehouder Kees van Zelderen zit namens LTO Nederland aan de klimaattafel ‘Landbouw en landgebruik’. In Agro-NL verband zit ik bij het vooroverleg om onze inzet aan de klimaattafel vast te stellen. Verder sluit ik aan bij de NZO werkgroep klimaat, waar we maatregelen doorrekenen en toetsen op de praktische haalbaarheid voor melkveehouders.
Door leden melkveehouders worden  terecht veel vragen gesteld over de maatregelen in verschiet liggen, en over hoe werkbaar deze in de praktijk zullen zijn. Ondanks dat het op dit moment nog nattevingerwerk is, want afspraken moeten nog gemaakt worden, deel ik graag met u een lijstje met mogelijke maatregelen die moeten zorgen voor perspectief op de korte- en middellange termijn.

* Rantsoenaanpassing
* Verlenging levensduur veestapel
* Inzetten van voeradditieven
* Inzetten van geothermie, solar en biomassa om duurzame energie op te wekken
* Rotatie gras/maïs en minder scheuren in grasland
* Onderwaterdrainage veen
* Vanggewas ook bij geen derogatie
* Voorkomen emissies uit mestopslag en stal
* Inzetten denitrificatieremmers
* Precisie bemesting
* Gras klaver

Onze inzet is om met maatregelen als deze uit het lijstje hierboven te zorgen voor een praktisch werkbare manier waarop we onze doelstelling kunnen halen en aansluiting  houden bij een goede landbouwpraktijk. Iedere melkveehouder kan maatregelen nemen die hem het beste passen om zo zijn individuele bijdrage te leveren. Daarnaast moeten we oppassen dat we door te werken aan klimaatdoelstellingen, andere doelstellingen niet uit het oog verliezen.

Zolang  sectoren vrijgesteld  zijn van reductie doelen, kan er in onze optiek geen discussie zijn over de inkrimping van de veestapel. In Nederland hebben we als sector sinds 1990 al veel CO2-uitstoot gereduceerd. We kunnen de komende jaren met eerdergenoemde maatregelen nog flinke stappen zetten. Daarnaast zal een koe die in Nederland verdwijnt, elders in de wereld worden gemolken met een veel grotere CO2-uitstoot, de zogenaamde carbon leakage. Daar kan volgens ons geen sprake van zijn. LTO gaat voor een integrale, brede aanpak om de klimaatdoelstellingen te halen.

Herman Bakhuis
LTO vakgroep Melkveehouderij

08 mei 2018

BRON:
Herman Bakhuis
Naar boven