250 dagen als LTO-bestuurder

Sinds 1 september zijn we als nieuwe vakgroep Melkveehouderij bezig. 4 van de 7 vakgroepleden zijn toen begonnen bij LTO Melkveehouderij. Ik heb gesolliciteerd voor de functie omdat ik vind dat belangenbehartiging cruciaal is voor de toekomst van de melkveehouderij in Nederland. Daarnaast ben ik ook zo iemand die vond, en nog steeds vind, dat het beter kan en moet. Dat geldt voor de samenwerking van LTO met partners, de verbinding van LTO met leden, maar ook zeker de verbinding van leden met de maatschappij. 

Binnen de vakgroep heb ik de thema’s biodiversiteit, arbeid, onderwijs en ledenbinding onder mijn hoede. Mijn eerste echte 'klus' bij LTO Melkveehouderij was gesprekken voeren over een nieuwe CAO. Dat was meteen een mooie vuurdoop. Als er namelijk nog echt iets ouderwets gaat, dan het de CAO-onderhandelingen. Netjes de partijen tegenover elkaar aan tafel, onderhandelaars die het woord voeren en onderhandelingen van 8 uur en langer. Niet het meest spectaculair, maar je zit er wel voor de hele sector. Tenslotte wordt arbeid vinden en houden steeds moeilijker, maar tegelijk wil je ook een minimale loonsverhoging afspreken omdat de marge in onze sector is nu eenmaal niet zo hoog.
Terug kijkend naar de afgelopen 250 dagen zie je hoeveel er wel niet op de sector afkomt. Zo hebben we onder andere mestfraude, I&R, fosfaatreductie, CO2, fosfaatrechten, teruggang insecten, commissie grondgebondenheid, derogatie en ammoniak gehad. Allemaal thema’s waar we als vakgroep vechten om in de toekomst nog ruimte te houden voor onze sector in Nederland. 

Helaas lukt niet altijd om te behalen wat je wil, en lukt het ook niet om iedereen tevreden te krijgen. Ook veranderd het politieke klimaat in Nederland hard. Zo is er in de Tweede Kamer nog altijd een meerderheid om de veestapel drastisch te krimpen, en is in alle grote steden de PVDD groter dan het CDA. Wat daarnaast opvalt, is de grote motivatie
 van twintigers om stemmen te winnen voor de PvdD. Wat zegt dat voor de toekomst?
Voor mij betekent dit dat we aan de ene kant stappen moeten zetten op het gebied van duurzaamheid. De wereld staat namelijk niet stil. Maar daarnaast moeten we ook leren om al dat gene wat we al doen veel beter te verkopen. We zetten als sector continu stappen op het gebied van mineralenefficiëntie, biodiversiteit, milieu, energie en dierwelzijn. Maar krijgen we die waardering ook?
Die waardering kunnen we alleen krijgen als we als één sector naar buiten treden. Het grootste gevaar voor de toekomst van onze melkveehouderij in Nederland, is de grote verdeeldheid en wantrouwen binnen de sector. En neem van mij aan, er zijn genoeg partijen in Nederland die het geweldig vinden dat wij elkaar op elk thema aanvallen. Heb je weleens een natuurorganisatie gezien die een andere natuurorganisatie openlijk aanviel? Zullen zij het altijd met elkaar eens zijn of weten zij beter hoe ze het spel moeten spelen?
Ik hoop dat ik, maar ook wij gezamenlijk als sector, beter leren hoe we het spel moeten spelen. De spelregels zullen blijven veranderen. De vraag voor ons zal dan ook zijn: Hoe zorgen we dat we met nieuwe spelregels kunnen blijven boeren? Bijvoorbeeld door de rijen te sluiten.

31 mei 2018

BRON:
Wilco Brouwer de Koning
Naar boven