Ontsnappen uit de tredmolen

Boeren en tuinders zijn slachtoffer van hun eigen succes, schrijft Vasco van der Boon op 16 april in het Financieele Dagblad. Hij citeert Wageninger Huib Silvis: ‘Landbouwprijzen dalen, want het aanbod groeit sneller dan de vraag. Boeren en tuinders worden steeds efficiënter. Nederland loopt hierin voorop.’
Rabobank-adviseur Ruud Huirne zegt: ‘Maar alle voordeel van technische vernieuwing wordt weggegeven aan de consument.’ Zijn collega Carin van Huët stelt dat de consument wel steeds meer betaalt. Er is vaak geen relatie tussen winkelprijs en boerenprijs.
De suggestie die wordt gewekt: ga minder produceren. De vraag zal niet veel veranderen en dus zou de prijs stijgen. ‘Aanbodmanagement’, we horen er vaak over in Europees Parlement en Tweede Kamer. Allemaal een tandje minder en dan verdient ieder een boterham. Dat klinkt te mooi om waar te zijn en dat is het ook. Nederlandse producten gaan voor 80 procent naar de EU-markt (510 miljoen consumenten). De EU heeft ook wereldwijd handelsakkoorden gesloten. Daar gaat de rest naar toe. Als één land iets minder produceert, vullen andere landen het gat.
Je hebt altijd freeriders. In de Verenigde Staten zijn ze al jaren bezig met collectieve melkproductiebeperking. Realiteit: het aantal Amerikaanse melkveehouders is in de afgelopen tien jaar met 34 procent gedaald en toch stijgt de melkproductie ieder jaar met 1 of 2 procent, want de sterkste bedrijven blijven over.
Moet het hele EU-handelsbeleid dan maar op de helling? Ik zeg: mooi discussiepunt voor de komende Europese verkiezingsbijeenkomsten. Maar weet wel, een groot deel van het bedrijfsleven wil open grenzen. En vergeet de mededinging niet. LTO kan geen oproep doen op boeren om bijvoorbeeld 5 procent minder uien te zaaien, want dat levert je dikke boetes op.
Andere suggestie van Huirne: onderscheid je in de markt. Maar dat kan alleen als collega’s basiskwaliteit blijven leveren. Geen sectorbrede oplossing. En zodra er marge ontstaat op het erf, wordt die weer afgeroomd. Uiteindelijk word je weer gedwongen om op kostprijs te concurreren.
LTO pleit daarom al jaren voor een Wet ruimte voor duurzaamheidsinitiatieven. Dit moet ruimte bieden om sectorbreed te verduurzamen en hiervoor een adequate, blijvende vergoeding te krijgen vanuit de markt door de basiskwaliteit te weren uit het schap. De filosofie achter deze wet moet ook in Brussel op de agenda. Ik geef het hierbij als suggestie mee aan de nieuwe Europarlementariërs.
Klaas Johan Osinga

27 april 2019

BRON:
Klaas Johan Osinga
Naar boven