Voorkom heffing verontreiniging landbouwgrond

LTO Nederland wil voorkomen dat boeren een verontreinigingsheffing moeten gaan betalen voor vervuiling van de landbouwgrond waar zij geen invloed op hebben gehad. “Wij zien geen enkele rechtvaardiging om te betalen voor niet beïnvloedbare vervuiling”, aldus LTO bestuurder Trienke Elshof. “We hebben ons standpunt goed onderbouwd en aan de Unie van Waterschappen laten weten.”

De Commissie Aanpassing Belastingstelsel (CAB) van de Unie van Waterschappen komt binnenkort met voorstellen voor een heffing op landbouwgrond voor de zogenaamde diffuse verontreiniging.
“We vinden in het rapport van het Mesdagfonds dat vandaag verschijnt over deze kwestie, extra argumenten om tegen deze voorstellen te zijn.”
LTO bestuurder Elshof benadrukt dat er meerdere factoren zijn waardoor meststoffen van landbouwgrond in het oppervlaktewater terecht komen. Deze diffuse verontreiniging kent diverse oorzaken en bronnen. “En dat nu is precies het punt. Je kunt de verontreiniging van het oppervlaktewater niet zonder meer aan de landbouwpraktijk van vandaag toeschrijven.” Elshof wijst er op dat behalve door de huidige landbouwpraktijk de kwaliteit van het oppervlaktewater ook wordt beïnvloed door andere factoren, zoals  bemesting in het verleden en grensoverschrijdend water. Elshof noemt ook natuurlijke processen in de bodem als oorzaak en verontreiniging door vogels vanuit natuurgebieden. “Maar laten we  vooral niet vergeten dat landbouwgrond bemest moet worden om gewassen te laten groeien”, zegt Elshof.  

Landbouwkundig gegeven
Diffuse emissies van landbouwgrond naar water zijn inherent aan gewasproductie. Dat is een landbouwkundig en natuurlijk gegeven. Van nul-emissies is nergens sprake. Dat geldt ook bij een biologische bedrijfsvoering. Als volgens de goede landbouwpraktijk wordt geboerd is er geen rechtvaardiging voor een verontreinigingsheffing op landbouwgrond, vindt LTO Nederland. Bovendien steekt het Elshof dat de kosten die waterschappen zeggen te moeten maken voor het schoon houden van oppervlaktewater niet transparant zijn. “Welke kosten maakt een waterschap voor het schoon houden van oppervlaktewater en kun je die kosten eerlijk en helder toerekenen aan de landbouw? Dat is best ingewikkeld en je ziet dan ook dat de CAB daar geen duidelijk en overtuigend antwoord op heeft. In het rapport van het Mesdagfonds wordt daar de vinger bij gelegd”, aldus Elshof.

CAB-advies
In het adviesrapport van CAB van december wordt nog de suggestie gedaan om landbouwgrond te belasten met 1 vervuilingseenheid per hectare. Als dat voorstel het haalt, betekent dat voor boeren een fors hogere heffing van het waterschap. De heffing is per waterschap verschillend en varieert van 60 tot 80 euro per hectare. “Een gemiddeld melkveebedrijf van 50 hectare gaat in dat geval 3.000 tot 4.000 euro meer aan waterschapsheffing betalen. LTO heeft steeds gezegd dat dit onacceptabel is”, aldus Elshof. LTO Nederland heeft het verweer vanaf het begin met argumenten onderbouwd en hoopt dat in het definitieve advies van het CAB, dat naar verwachting in juni verschijnt, het voorstel van een verontreinigingsheffing op landbouwgrond van tafel is. LTO Nederland wil graag met waterschappen in overleg om boeren te ondersteunen bij duurzaam bodembeheer en bemesting en heeft hiervoor in samenwerking met ministeries en waterschappen het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) opgezet. Intussen zijn meer dan 250 projecten in uitvoering.

06 maart 2018

BRON:
LTO Nederland
Naar boven